De Rotunda van Thessaloniki veranderde in de afgelopen 1700 jaar drie keer ingrijpend van identiteit. Rond 306 n.Chr. liet de heidense Romeinse keizer Galerius het immense, cirkelvormige gebouw optrekken, vermoedelijk als zijn toekomstige mausoleum. Nadat hij elders stierf en het christendom de staatsreligie werd, verbouwde keizer Theodosius I het monument rond 380 n.Chr. tot een kerk. De binnenzijde van de dertig meter hoge koepel werd toen bekleed met schitterende, gouden mozaïeken van heiligen en martelaren. Twaalf eeuwen later, in 1590, namen de Ottomanen de stad in en transformeerden het bouwwerk tot een moskee. Er werd een slanke minaret naast gebouwd en de christelijke kunstwerken verdwenen onder een dikke laag pleisterwerk. Pas in 1912, toen de Grieken de stad heroverden, kreeg het gebouw zijn christelijke functie terug onder de naam Agios Georgios. Tegenwoordig staat de Rotunda op de UNESCO-Werelderfgoedlijst en herinnert de bewaard gebleven minaret aan haar rijke geschiedenis.



