Tate Britain is een instituut van grote culturele betekenis, gewijd aan de presentatie en het behoud van Britse kunst vanaf de zestiende eeuw tot heden. Gelegen aan Millbank in Westminster, opende het kunstmuseum zijn deuren in 1897 onder de naam “National Gallery of British Art”, voortkomend uit het initiatief van suikermagnaat Sir Henry Tate die zijn collectie en middelen schonk aan de natie. De neoklassieke architectuur van de oorspronkelijke bouw, ontworpen door Sidney R. J. Smith, geeft het museum een statige uitstraling.
Door de decennia heen is de collectie sterk gegroeid en zijn architecturale uitbreidingen gerealiseerd om meer werk te kunnen huisvesten. Sinds het jaar 2000 draagt het instituut de naam “Tate Britain”, waarmee het duidelijk zijn status als de nationale galerij voor Britse kunst bevestigde. De collectie omvat belangrijke werken van grootheden zoals J.M.W. Turner, wiens oeuvre hier de grootste concentratie ter wereld kent, en schilders als William Hogarth, John Constable en de pre‑Raphaëlieten. Tevens is het museum actief in het tonen van moderne en hedendaagse Britse kunst, met namen als David Hockney en Bridget Riley in de collectie.
Bezoekers krijgen er de gelegenheid een chronologische reis te maken door de ontwikkeling van Britse kunst, waarbij maatschappelijke, stilistische en technologische veranderingen zichtbaar worden in schilderijen, beeldhouwwerken en installaties. Het gebouw zelf, met zijn portiek, koepel en galerijen, vormt een monument voor het culturele erfgoed. Tijdens tijdelijke tentoonstellingen en speciale opdrachten wordt ook actuele kunst gepresenteerd, waardoor het museum zowel historisch als hedendaags in zijn betekenis is. De toegang tot de permanente collectie is gratis, wat bijdraagt aan de toegankelijkheid en publieke waarde.











































