Dag 13: Naxos – Santorini

‘s Ochtends was er nog tijd om een wandeling te doen vanaf het hotel naar de zeedijk met zijn vele restaurantjes en bars. De vorige dag was er te veel wind om de alomtegenwoordige Portara te bezoeken op het schiereiland Palatia maar de weersomstandigheden waren deze dag ideaal.

Deze Portara is de poort van de onafgewerkte ‘Tempel van Apollo’ en is zo’n 2.500 jaar oud.

Rond 522 v.Chr. werden plannen gemaakt om op Naxos een tempel te bouwen waar Apollo, een belangrijke god binnen de Griekse godsdienst, zou worden vereerd. De ingang van de tempel werd geplaatst op het schiereiland Palatia en het was de bedoeling dat deze ingang enkele kilometers door zou lopen, zodat op het hoogste punt van het eiland een hoofdgebouw kon worden gebouwd. De tempel zou volledig gebouwd worden van marmer, een materiaal waar Naxos bekend om staat.

Er werd een volledige poort en een lange gang gemaakt. Toen ongeveer 30 jaar later het bewind van de tiran Lygdamis echter viel, werd de bouw gestaakt. De Grieken lieten de ingang die was gebouwd niet slopen, maar haalden regelmatig marmeren onderdelen weg om voor andere gebouwen te gebruiken. Wat overbleef was de zes meter hoge poort op Palatia. 

De oude binnenstad van Naxos is een heerlijke plek om rond te wandelen. De kleine steegjes en straatjes met hun vele winkeltjes zorgden ervoor dat we eigenlijk nog wat langer wilden blijven.

Op de terugweg naar het hotel zagen we in de buurt van de haven een opmerkelijke processie: orthodoxe priesters waren geconcentreerd en met veel overgave aan het bidden om meer neerslag. Na talloze maanden zonder regen werd een hogere macht opgeroepen om de oogst te redden. 

Onze tweede veerboot bracht ons, met een korte tussenstop op het eiland Ios, in een dikke drie uur naar het tweede eiland waar we zouden verblijven: Santorini.

Santorini is een ringvormige eilandengroep in de Egeïsche Zee die bij de Cycladen horen. Het ligt ten noorden van Kreta, ten zuiden van Naxos en Paros en heeft een oppervlakte van 105 km². De naam Santorini is Venetiaans en afkomstig van Santa Irena oftewel Sint Irene, die in de derde eeuw op of bij dit eiland in ballingschap zou zijn gestorven. Over het ontstaan van het eiland bestaan diverse speculaties. Zo zou dit het eiland Atlantis zijn geweest en zou Plato met zijn verhaal over Atlantis zijn geïnspireerd door de vulkanische uitbarstingen hiervan. Het is mogelijk dat de wolk- en vuurkolom, die Mozes tijdens de tocht door de woestijn heeft gezien, uitbarstingen van de vulkaan van Santorini zijn geweest. Diverse van de plagen die Egypte troffen volgens het verhaal van Mozes, zoals duisternis die over dit land kwam en water dat ondrinkbaar werd, kunnen met uitbarstingen op Santorini in verband worden gebracht.

Er heeft zich op het eiland in de tijd van de Minoïsche beschaving een enorme uitbarsting van een vulkaan voorgedaan. Daarbij werd dusdanig veel lava uitgespuwd dat de oude stad Akrotiri onder 50 meter puimsteen verdween. De uitbarsting is van belang voor de chronologie van het 2e millennium v.Chr. in de Egeïsche Zee, omdat bewijs van de uitbarsting is gevonden in de gehele regio. Over de exacte datum is echter nog veel discussie. Huidige schattingen op basis van de radiokoolstofdatering geven aan dat de uitbarsting plaatsvond tussen 1627 en 1600 v.Chr., maar deze datering komt niet overeen met de eerdere schatting van ongeveer 1550 v.Chr. gebaseerd op archeologische studies, die gebruikmaken van de chronologie van de faraonische dynastieën van Egypte.

De enige uitbarsting waarmee die van Santorini is te vergelijken, was die van de Krakatau in 1883, maar volgens schattingen was de explosie van Santorini nog veel sterker dan die van de Krakatau. De dichtbevolkte noordkust van Kreta bevond zich op amper 140 km afstand van het epicentrum. Van het eiland Santorini, dat voorheen ongeveer een ronde schijf vormde met een 1200 m hoge centrale vulkaan, bleven amper nog de twee randsikkels met brokken over, die de huidige eilandengroep vormen. Op de noordkust van Kreta is de enige herinnering aan de vloedgolf een laag puimsteen boven de ruïnes van Knossos. Archeologen vonden tal van aarden en stenen vazen, glazuur, gereedschap en kleitabletten in het paleis, maar geen spoor van edele metalen of zilver, noch resten van menselijke slachtoffers. Santorini was daarvoor en is sindsdien meermalen getroffen door aardbevingen en vulkaanuitbarstingen, te weten in de jaren 46 v.Chr., 726, 1570, 1707, 1866, 1925, 1939, 1950 en in 1956.

In de geheel met zeewater gevulde caldeira zijn bij latere uitbarstingen weer kleine eilandjes ontstaan. Er barstte in 1650 onder water een vulkaan uit, de Kolumbo, als gevolg waarvan er op Santorini mensen omkwamen. Deze vulkaan was tot dan onbekend omdat hij volledig onder water lag en daar nog steeds ligt. De krater lag tijdens de Minoïsche uitbarsting nog op het eiland zelf. Naast deze vulkaan ligt er nog een twintigtal vulkanen onder water.

Santorini was de bakermat van de Cycladische beschaving. In Akrotiri zijn nog de overblijfselen van de hoogstaande architectuur uit de Minoïsche tijd te zien. Het eiland bleef na de vulkanische uitbarsting rond 1600 v.Chr. eeuwenlang onbewoond. Pas vanaf de achtste eeuw v.Chr. woonden er weer permanent mensen, nadat Dorische kolonisten uit Sparta zich er vestigden. Op een strategische plek op de berg Mesa Vouno stichtten zij de stadstaat Thera, die het bestuurlijke centrum van het eiland werd.

Thera koos in de Peloponnesische Oorlog (431-404 v.Chr.) de zijde van Sparta, maar kwam onder Atheens gezag. Het werd in het Ptolemeïsche rijk een haven van Egypte en daarna viel het achtereenvolgens in handen van de Romeinen, de Byzantijnen en in 1204 van de Venetianen, die het eiland de naam Santorini naar Irene van Thessaloniki gaven. Venetië maakte het een onderdeel van het hertogdom Naxos. De Turken bezetten het van 1579 tot 1832, maar sindsdien zijn de Cycladen weer Grieks.

De aardbeving van 1956 richtte een grote verwoesting aan. Veel bewoners verlieten opnieuw Santorini, maar zij keerden in de volgende decennia geleidelijk terug. Er vestigden zich ook mensen uit andere delen van Griekenland en andere, vooral Europese landen. Door de toename van het toerisme is de bevolking sindsdien sterk gegroeid. 

Fira, dat ook wel Thira genoemd wordt, is de hoofdstad van het eiland Santorini. Het is op een unieke wijze gebouwd, aan de rand van de steile kliffen van de krater van Santorini, met uitzicht naar het westen. Het biedt prachtige vergezichten en de zonsondergang die je vanaf hier ziet is adembenemend. Witte huisjes en koepelkerken met blauwe daken op verschillende niveaus geven Fira een uitzonderlijk uiterlijk.

In Fira, dat een langgerekt stadje is van noord naar zuid, zijn overal smalle steegjes met heel veel winkeltjes, bars, tavernes en restaurants. Helaas heeft de komst van het toerisme de traditionele stijl van het stadje gedeeltelijk ontnomen, maar het is er nog steeds uitzonderlijk mooi. Er zijn in het stadje opvallend veel chique juwelierszaken, wat iets zegt over de rijkdom van een deel van de toeristen. 

Het stadje, gelegen op een kwartiertje rijden van ons hotel, is een van de mooiste, maar ook een van de drukst bezochte plekken van het eiland. Het wordt druk aangedaan door cruiseschepen waardoor de smalle straatjes dagelijks gevuld zijn met duizenden toeristen. Na hun bezoek hebben ze drie manieren om terug te gaan naar hun cruiseschip: te voet via 600 trappen, gedragen door een ezel voor 10€ of via de kabelbaan voor 6€. De meeste toeristen verkiezen het laatste, wat de wachttijden voor de kabelbaan ‘s avonds kan doen oplopen tot 2 uur. Terwijl we op het gemak zaten te genieten van ons diner, bleef de wachtrij naast het restaurant alsmaar langer worden. Gelukkig werden wij van deze ellende gespaard. Het is zelfs zo erg geworden dat de Griekse overheid maar een bepaald aantal cruiseschepen per dag meer toelaat om de overlast enigszins te beperken. Het eiland lijkt het slachtoffer van zijn eigen succes geworden te zijn.

Plaats een reactie

search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close