Dag 4: Kalambaka – Delphi

Net buiten Kalambaka bezochten we de iconenworkshop van father Pefkis. Terwijl de priester en zijn vrouw aan de iconen werkten, bracht hun zoon een interessante uitleg hoe de iconen gemaakt werden.

Na opnieuw een volledige ochtend rijden kwamen we rond 13u30 aan in het stadje Distomo waar we het Osios Loukasklooster, een van de belangrijkste Byzantijnse monumenten op de Werelderfgoedlijst van UNESCO, een bezoek brachten. Bijna was dit niet meer mogelijk want felle bosbranden in augustus 2023 vernietigden op een haar na het complex. 

Nieuwsbericht van 25 augustus 2023 van ‘Orthodox Times’: De brandweer kon niet verhinderen dat het vuur woensdag de binnenplaats van het klooster wist te bereiken. De brand bedreigde ook het interieur van het klooster.  Een van de oudste gebouwen, dat net werd gerenoveerd, is in puin gelegd. Ook de meer dan 1.200 bomen die de voorbije honderd jaar door de monniken rond het klooster waren aangeplant, waaronder vele olijfbomen, gingen verloren. De brandweer stelde alles in het werk om te beletten dat het volledige kloosterinterieur in rook zou opgaan. Volgens metropoliet Georgios van Thebe, Levadia en Avlida, die de brandweer persoonlijk bijstond om de natuurbrand te doven, werd dat gelukkig belet. De Griekse minister van Cultuur, Lina Mendoni, bracht donderdag een bezoek aan het klooster. Zij kwam er iedereen persoonlijk bedanken die had geholpen om een totale ravage te vermijden. 

Osios Loukas heeft een zeer opvallende levensweg gehad die al begon met zijn geboorteplek: vlakbij het orakel van Delphi. Hij toonde al op jonge leeftijd interesse in de monastiek en wijdde zich al snel helemaal aan spiritueel werk. Op 14-jarige leeftijd trok hij in het geheim naar Rome waar hij samen met twee monniken een paar jaar zou wonen in een klooster vlakbij de Sint-Pietersbasiliek. Hij werd uiteindelijk monnik en verhuisde naar het klooster van Pantanassa. Toen hij voor de Bulgaren moest vluchten, vestigde hij zich als kluizenaar in het Peloponnesosgebergte. Omdat hij bekend stond als heler, bezochten veel mensen hem van heinde en verre voor advies. Om plaats te bieden aan al deze volgers, zocht hij naar een spirituele plek om zich te vestigen. Dit werd Stiris, waar hij vervolgens een kapel voor de heilige Barbara liet bouwen op de plek waar nu het klooster van Osios Loukas staat. Hij koos juist deze plek omdat er een bron naast lag waarvan het water volgens hem een geneeskrachtige werking had.

Loukas had de voorspelling gedaan dat Kreta bevrijd zou worden van de Saracenen door een keizer genaamd Romanos. Toen deze voorspelling ook daadwerkelijk uitkwam, liet keizer Romanos ter ere van ‘ziener’ Loukas de kloosterkerk verder uitbouwen. Omdat de macht van het Byzantijnse rijk in de opvolgende jaren steeds verder groeide, lieten de keizers om het succes te vieren boven op de oude kapel van de Heilige Barbara een nieuwe, grote kerk bouwen, het Katholikon genaamd. Zo werd het klooster een symbool voor de voorspoed van het Byzantijnse rijk. Dankzij de successen van het Byzantijnse rijk werd het kloostercomplex dus enorm uitgebreid. Er zijn twee kerken, een eetzaal en een prachtige klokkentoren aanwezig. Behalve de rijk versierde binnenkant van de kerk zijn ook de buitenmuren zeer speciaal door de rijen stenen die worden afgewisseld met bakstenen.

De mozaïeken en de architectuur samen maken het klooster tot een van de belangrijkste middeleeuwse gebouwen van Griekenland. Kunstenaars uit Constantinopel – het tegenwoordige Istanbul maar vroeger hoofdstad van het Byzantijnse rijk – kregen de opdracht het fraaie bouwwerk van ornamentele mozaïeken en fresco’s en iconen te voorzien. De kerken zijn gebouwd van rode bakstenen en rozige natuursteen en zijn grotendeels goed bewaard gebleven. Vooral de kerk waar de crypte zich begeeft is in zeer goede staat. Het klooster dankt zijn rijkdom onder andere aan Osios Loukas. Men geloofde dat je zou kunnen genezen en/of je toekomst zou kunnen zien door naast zijn overblijfselen te slapen; hiervoor moest je dan wel diep in de buidel tasten. Loukas maakte nog een klein uitstapje toen zijn beenderen in de 13e eeuw gestolen werden door kruisvaarders en naar het Vaticaan werden gebracht. Zijn gebeente heeft daar eeuwen gelegen maar rust inmiddels gelukkig weer in een crypte onder het Katholikon.

Dat het klooster eeuwenlang zo goed bewaard is gebleven, kwam door donaties, maar ook door de monniken. Zo hielden ze zich bezig met het persen van olijfolie, het maken van zeep en het verkopen van honing. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd het klooster zwaar beschadigd. Volgens de Duitse bezetters woonden er partizanen in het klooster en het naastgelegen dorp. Naar schatting 1000 dorpsleden en 20 monniken zijn er tijdens de oorlog vermoord. In de jaren negentig is het klooster met hulp van Unesco en de EU hersteld en vandaag de dag is het weer in zeer goede staat. Op dit moment wonen er nog ongeveer 15 monniken. Honing, zeep en olijfolie maken ze niet meer, maar ze verkopen wel allerlei religieuze memorabilia.

Een ritje van 45 minuten bracht ons naar Delphi waar we de nacht zouden doorbrengen. Eerst brachten we uiteraard nog een bezoek aan de archeologische site, in de klassieke oudheid een van de beroemdste cultusplaatsen van de god Apollo en het meest bezochte en gerespecteerde orakel van de gehele oudheid.

Over het ontstaan van het orakel doen verschillende verhalen de ronde. De Homerische hymne aan Apollo vertelt dat de god na zijn geboorte op het eiland Delos op zoek ging naar een geschikte plaats voor zijn orakel. Hij koos voor het stadje Crisa (de oorspronkelijke naam van Delphi), maar moest eerst strijd leveren met de draak Python die in de buurt leefde. Uiteindelijk stierf het beest onder de pijlen van de god en rotte het weg door de kracht van de zon (het Griekse putho betekent “doen rotten”). Apollo richtte daarna zijn aandacht op de rekrutering van priesters voor zijn heiligdom. Toen hij een boot vol Kretenzische zeelui opmerkte, nam hij de vorm aan van een dolfijn (Grieks: delphis), sprong op hun schip en dwong de mannen door te varen naar Crisa, aan land te gaan en priester te worden in de nieuwe Apollotempel daar. Het medium voor zijn orakel zou de Pythia worden, een vrouw uit het dorp.

Andere versies van het verhaal noemen Python een nakomeling van Gaia. Het monster had als taak het orakel dat aan haar was gewijd te bewaken. Apollo doodt hier dus niet alleen het monster, maar neemt ook een al bestaand orakel over. 

Ook Dionysos werd in Delphi vereerd. Het orakel functioneerde namelijk maar negen maanden per jaar (en dit telkens maar één dag per maand). Tijdens de drie wintermaanden was Apollo afwezig en nam Dionysos de bewaking van het heiligdom over.

Het belang van Delphi blijkt uit het feit dat het door de Grieken als middelpunt van de aarde werd gezien, aangegeven door een ronde steen, de omphalos (de navel). Volgens sommige antieke bronnen had Rhea deze steen aan Kronos gegeven, die hem daarna verslond in plaats van zijn pasgeboren zoon Zeus. Na de overwinning op zijn vader zou Zeus de steen in Delphi geplaatst hebben.

Tijdens opgravingen werden in de Corycische grot, zo’n 800 meter boven Delphi, sporen ontdekt van neolithische aanwezigheid, maar er is geen enkel materieel bewijs dat wijst op de vestiging van een heiligdom of zelfs van constante menselijke aanwezigheid voor de 7de eeuw v.C. In het heiligdom van Athena Pronoia vlakbij werden wel Myceense votiefbeeldjes gevonden, wat op een religieuze activiteit zou kunnen wijzen. We kunnen met zekerheid zeggen dat het bekende Orakel van Delphi vanaf de 8ste eeuw v.C. in werking was. De tempel van het heiligdom werd getroffen door brand (548 v.C.) en verwoest door een aardbeving in 373 v.C., de restauratie ervan zou bijna 50 jaar in beslag nemen. Verder was de rijkdom van Delphi vaak aanleiding voor plunderingen, door onder meer Sulla en later keizer Nero, die 500 beelden liet weghalen. Latere keizers waren Delphi dan weer gunstiger gezind. Domitianus liet de tempel herstellen – de inscriptie die hij liet aanbrengen is in het museum te zien – en Hadrianus was een gulle sponsor van het heiligdom. In 392 na Chr. werd het orakel gesloten door de christelijke keizer Theodosius I, die kort tevoren het christendom tot staatsgodsdienst verheven had.

In 1884 voerde de Duitse filoloog Pomtow al kleine opgravingen uit in Delphi, maar in 1892 kreeg de École française d’Athènes toestemming een volledige opgraving. De opgravingen zouden tot 1901 duren. De werken konden echter pas beginnen nadat de bewoners van Kastri, het dorpje dat op het oude Delphi was gebouwd, waren onteigend en naar een nieuwe woonplaats (het moderne toeristenstadje Delphi) waren overgebracht. Toen in 1935 een zwaar noodweer een grote modderstroom had veroorzaakt, werd de site in een klap weer aan het zicht onttrokken. Een jaar later zouden de Fransen Delphi met man en macht weer blootleggen; een operatie waarbij opnieuw veel vondsten werden gedaan. Alle vondsten uit het heiligdom (onder meer de beroemde wagenmenner van Delphi, de beelden van Kleobis en Biton en de sculpturen van de tempel en andere gebouwen) bevinden zich nu in het plaatselijke archeologisch museum dat in 2004 volledig werd vernieuwd. De archeologische vindplaatsen van Delphi staan sinds 1987 op de Werelderfgoedlijst.

De huidige Apollotempel werd op het einde van de 6e eeuw v.Chr. gebouwd. Op de stenen tempel stonden twee beroemde spreuken: de eerste, “ken jezelf”, moest de bezoeker aansporen om eerst een zelfonderzoek te doen vooraleer een vraag aan het orakel te formuleren. Daarnaast prijkte op de tempel “niets te veel”, een aansporing voor “matigheid”. In de cultusruimte zelf (het adyton) zouden er standbeelden van Apollo en Dionysus hebben gestaan. De pythia gaf er, gezeten op haar drievoet, haar mysterieuze orakels. De precieze werking van het orakelspreken is erg onzeker en omstreden.

In de noordwestelijke hoek van het heiligdom lag het grote theater (in zijn huidige vorm uit 2e eeuw v.Chr., met Romeinse aanpassingen), waar onder meer hymnen voor Apollo werden gespeeld en de god van de kunsten werd vereerd met instrumentale stukken op de lier. Er is plaats voor zo’n 5000 toeschouwers. Tijdens de vierjaarlijkse Pythische Spelen stonden kunst en cultuur iets centraler dan tijdens de andere drie kransspelen en werden hier muzikale wedstrijden gehouden.

Boven, en buiten de muren van de twee eigenlijke heiligdommen ligt het goed bewaarde stadion, waar tijdens de Pythische Spelen de atletiekwedstrijden plaatsvonden. De ereplaatsen zijn nog duidelijk te zien. De wagenrennen gingen vermoedelijk door in de vlakte beneden Delphi.

Het Orakel van Delphi was een onderdeel van het Grieks heiligdom, dat zich in het centrum van Delphi bevond. Een profetes gaf daar haar raad in de Apollotempel. Van heinde en verre kwamen er jaarlijks duizenden mensen, vaak pelgrims, naar Delphi om het orakel te raadplegen en de goden goede raad te vragen bij het nemen van belangrijke en moeilijke beslissingen. Dat ging door tussenkomst van de profetes. Als god van ‘het Licht’ werd Apollo verondersteld overal doorheen te dringen en te ‘zien’ wat aan het oog van de mensen ontgaat.

De tempel herbergde een bijzondere priesteres, Pythia genaamd, die fungeerde als ‘doorgeefluik’ van deze raadgevingen. De bronnen over de Pythia zijn eerder schaars. Er is alleen uit vast te stellen dat zij voor het leven werd gekozen, of door loting uit een aantal kandidaten werd aangewezen, die geschikt leken om als gewillig medium op te treden voor de openbaringen van de godheid. Haar persoonlijke eigennaam werd slechts uiterst zelden vermeld. Ze hoefde niet noodzakelijk tot een bepaalde stand te behoren, de enige voorwaarde was dat zij zich altijd onberispelijk had gedragen, en bereid was zich aan zeer strenge zuiverheidsregels te onderwerpen. Zij woonde na haar uitverkiezing in een speciaal voor haar ingerichte “ambtswoning” binnen het heiligdom.

Gezeten op een driepotige kruk raakte zij op geregelde tijdstippen in religieuze vervoering. Het verhaal dat zij bedwelmd zou zijn door dampen uit een rotsspleet, of door andere hallucinogenen, is lange tijd met scepsis behandeld, maar recent onderzoek heeft aangetoond dat het inderdaad mogelijk is, dat er op die plaats het licht hallucinogene ethyleengas vrijkwam.

Eenmaal in trance begon de Pythia onsamenhangende klanken uit te stoten, waar niemand iets van begreep, maar waarvan men aannam dat het een boodschap van de goden was. Enkele priesters, die altijd vlakbij meeluisterden, schudden dan begrijpend hun hoofd en gaven ‘een vertaling’, vaak in verzen. Deze boodschap werd vaak cryptisch omschreven en het vergde de nodige inspanning om er daadwerkelijk een praktische raad uit te destilleren.

Zowel op politiek als op religieus vlak waren de antwoorden vaak voor meerdere interpretaties vatbaar.

Afbeeldingen van de Pythia zijn ook schaars. Er is een bekende schaal, van de zogenaamde Codrus-schilder, uit het midden van de 5e eeuw v.Chr., thans bewaard te Berlijn, waarop de Attische koning Aigeus staat afgebeeld vóór de Pythia. Zij zit op een heilige drievoet en met het hoofd omhuld, houdt in de linkerhand een schaal en in de rechterhand een tak, waarschijnlijk een lauriertak.

Er bestaan verschillende verhalen over de oorsprong van het Orakel van Delphi. Volgens de laatste verklaring, waar naar voor het eerst door Diodoros van Sicilië uit de 1e eeuw v.Chr. werd verwezen, zag een geitenhoeder, Kouretas, op zekere dag een van zijn geiten in een spleet in de aarde verdwijnen. Toen hij de geit er weer uit haalde, gedroeg het dier zich erg vreemd. Hij ging de grot in en ervoer de aanwezigheid van iets goddelijks. Hij bleek in staat vanuit het heden voorbij het verleden en de toekomst te zien. Opgewonden door deze ontdekking wilde hij zijn ervaring met de dorpsbewoners in de nabijheid delen. Velen begonnen toen de plaats regelmatig op te zoeken, totdat iemand aan de ervaring overleed. Vanaf toen mochten alleen nog jonge meisjes de rotsspleet benaderen en wel onder de strikte voorwaarden, die door een raad van priesters en priesteressen werden voorgeschreven.

Diodorus legt uit hoe in het begin de Pythia een jonge maagd was, maar een raadpleger van het orakel merkt op:

‘Echecrates de Thessaliër, aangekomen in het heiligdom, werd verliefd op de maagd die het orakel uitbracht vanwege haar schoonheid, droeg haar weg en verkrachtte haar; en de Delphiërs stemden vanwege die betreurbare gebeurtenis een wet dat vanaf dan geen maagd meer mocht profeteren. Een oudere vrouw zou de orakels uitleggen, en zij zou in de kledij gehuld zijn van een maagd bij wijze van herinnering aan de profetessen uit de oudheid.’

Delphi ging er na de vele opeenvolgende oorlogen sterk op achteruit, onder meer door invallen en plunderingen van barbaren, maar het beleefde een hernieuwde bloei tijdens de overheersing door de Romeinen, vooral door de belangstelling van keizers als Hadrianus. Het orakel werd in 390 na Chr. door de fanatieke christelijke keizer Theodosius I echter definitief gesloten. Dat was in overeenstemming met zijn politiek om alle voorchristelijke praktijken uit te roeien.

Griekse particulieren en staten, maar ook buitenlandse vorsten raadpleegden het orakel. Bekend is koning Croesus van Lydië. Deze zou volgens Herodotus het orakel hebben geraadpleegd over zijn kans te slagen, wanneer hij een oorlog tegen zijn buurman Perzië begon. Het orakel antwoordde dat hij “een groot rijk zou verwoesten”. Dat kwam uit: Croesus verwoestte een groot rijk, zijn eigen. Eerder vroeg Croesus advies voor de genezing van zijn stomme zoon. De Pythia antwoordde:

O Lydische heerser over vele volken, dwaze Croesus,

Verlang niet om de stem te horen in uw paleis,

De stem van uw zoon. Beter van niet

Want zijn eerste woorden zal hij spreken op een dag van rouw

Croesus overleefde de verovering van Sardis door de Perzen, omdat zijn zoon begon te spreken en zijn identiteit met de woorden: “Dood Croesus niet!” verried. Croesus werd gevangengenomen en door Cyrus bijna op de brandstapel ter dood gebracht.

De Atheners kregen tijdens de invasie van de Perzen het advies zich achter “een houten muur” terug te trekken, terwijl Salamis dood en verderf zou zaaien. De Atheners legden de houten muur uit als hun schepen, evacueerden hun bevolking naar Salamis en versloegen in 480 v.Chr. de Perzische vloot.

Er zijn verschillende wetenschappelijke pogingen ondernomen om de manier waarop de Pythia in Delphi aan haar inspiratie kwam te verklaren. Daarbij wordt meestal het idee van Plutarchus naar voren gebracht, dat de macht van het orakel met een damp verband hield uit de bron van Castalia en dat de zitting van de Pythia vooraf werd gegaan door een overleg in een gesloten kamer onderaan de tempel. Plutarchus was als priester lang verantwoordelijk voor de gang van zaken bij het orakel geweest. Men suggereerde vaak dat de bewuste damp een hallucinogeen gas zou zijn geweest. 

De eerste opgravingen in Delphi onder leiding van Theophile Homolle tussen 1892 en 1894, waarvan Adolphe Paul Oppé verslag deed, maakten geen melding van rotsspleten en mogelijke gassen. Er was geen aanwijzing van een kloof gevonden, aldus het rapport. Onderzoekers als Frederich Poulson, E.R. Dodds en Joseph Fontenrose baseerden zich allen op deze bevindingen en stelden dat er geen sprake was van dampen of van een rotskloof.

Recente herbeoordeling van de Franse opgravingen toonde aan dat dit idee mogelijk verkeerd was. Volgens Broad (2006) liet een foto van de zuidwestelijke hoek van de tempel duidelijk een waterput onderaan de tempel zien, en bovendien veel spleten in de rotsbodem, waarlangs eventuele toxische dampen de fundering van de tempel konden bereiken. Deze foto was gemaakt toen het Franse team uitgravingen tot op de rotsbodem deed.

De aanwezigheid van etheen, een gas, werd in 2001 als mogelijk hallucinogeen in de omgeving van en in de bronnen rond de tempel ontdekt. De hoogste concentratie etheen werd in het water van de bron van Kerna aangetroffen, vlak boven de tempel, zij het in geringe hoeveelheden. Het water van deze bron wordt tegenwoordig van de site weggeleid om in Delphi te worden gebruikt. Men weet dus niet in welke mate er etheen of ander gas ter hoogte van de tempel vrij had kunnen komen, zelfs als dit water de vrije loop had zoals dat in de oudheid het geval was. Plutarchus zei dat, wanneer de godheid er aanwezig was, de tempel van een zoetige geur was vervuld.

Niet vaak, noch regelmatig, maar soms en als bij toeval, is de ruimte met de zetels voor de raadplegers van de god vervuld van geur en een lichte bries, alsof het adyton de essences van de zoetste en kostbaarste parfums doorstuurde uit een bron.

Alleen etheen heeft onder de koolwaterstoffen een dergelijke geur.

Het inademen van etheen in de gesloten ruimte, waarin de Pythia door een scherm of een gordijn van de raadplegers van het orakel was afgescheiden, zou haar aan voldoende hoge concentratie van het gas hebben blootgesteld om een milde euforische of trance-achtige staat bij haar op te wekken. Anesthesiste Isabella Herb deed aan het begin van de 20e eeuw onderzoek naar de invloed van blootstelling aan etheen op ons bewustzijn en bevestigde daarmee Plutarchus’ bevindingen.

Plutarchus meldde ook dat het leven van Pythia’s verkort werd door de dienst van Apollo. De sessies werden als uitputtend beschreven. Na elke periode van dergelijke sessies leek de Pythia wel een hardloopster na een race of een danseres na een extatische dans.

Dr. Henry A. Spiller, de toxicoloog van het team, die het Kentucky Regional Poison Center leidt, zegt:

“In de eerste fasen veroorzaakt het (gevonden etheen) een euforische uittreding, een veranderde mentale toestand en een prettige gewaarwording. Dat wat mensen van de straat ‘high worden’ noemen. Hoe groter de dosis, des te dieper je gaat.”

De talrijke aardbevingen, veroorzaakt door de ligging van Griekenland op de raaklijnen van drie tektonische platen, zouden de vastgestelde breuken in de kalkrots hebben veroorzaakt, evenals het ontstaan van nieuwe kanalen waarlangs de koolwaterstoffen in het stromende water van de Kassotis terecht kwamen. Daardoor zou de hoeveelheid ethyleen wisselen. Men heeft geopperd dat de teloorgang van het orakel na Hadrianus er voor een deel aan was te wijten, dat er in die tijd in de regio lange tijd aardbeving uitbleven.

Het nabijgelegen museum bevat tal van gouden, ivoren en bronzen beelden die op de site gevonden werden.

Categorieën 2024 Griekenland, Dag 4: Kalambaka - Delphi, ReisverslagenTags , , ,

Plaats een reactie

search previous next tag category expand menu location phone mail time cart zoom edit close