Michelangelo beheerste de beeldhouwkunst, schilderkunst, architectuur en was een begenadigd amateurdichter. Nu hij van zijn geboorteland Florence terugging naar Rome – waar paus Clemens VII hem de opdracht had gegeven het Laatste Oordeel in de Sixtijnse Kapel te schilderen – zou hij terecht hebben aangenomen dat hij zijn lange en gevarieerde carrière begon af te ronden. Maar, zoals tentoonstellingsconservator Sarah Vowles onderzoekt, markeerde het een spannend nieuw begin …
In de 16e eeuw was 60 jaar een zeer respectabele leeftijd om te leven – en Michelangelo kan nauwelijks hebben verwacht dat hij na zijn terugkeer in Rome nog dertig jaar zou leven. Maar in de laatste dertig jaar van zijn leven, tot aan zijn dood op bijna 89-jarige leeftijd, had hij het drukker dan ooit tevoren, terwijl opeenvolgende pausen een beroep deden op zijn expertise en verbeeldingskracht om een reeks steeds veeleisender projecten op te zetten. Het is deze late en onverwacht energieke periode die centraal staat in onze tentoonstelling.
























