De stad Trinidad, gesticht in 1514, staat sinds 1988 op de Werelderfgoedlijst van UNESCO. Door de vele koloniale gebouwen en het pittoreske centrum is het een heerlijke plek om een dagje rond te slenteren en te genieten van de relaxte sfeer.
De eerste stop tijdens onze stadswandeling bracht ons naar de Templo Yemayá, gevestigd in een opvallend wit-blauw huis. Dit gebouw is een Santería-tempel met een altaar gewijd aan de Yemayá. Zij is de godin van de zee, vertegenwoordigd door een zwarte pop, gekleed in het wit en versierd met vissen die de ogen van Yemayá’s zoons voorstellen.
Het gebouw wordt zowel als tempel en als woonhuis gebruikt, wat de Afro-Cubaanse cultuur en de lokale identiteit weerspiegelt. Zodra je dit huis binnenstapt, voel je de mengeling van culturen en religies uit verschillende tijden, van de slavernij tot het spiritisme dat uit de Verenigde Staten kwam.
Plaza Mayor is het hart van Trinidad en is omringd door vele bezienswaardigheden. Rondom het plein vind men veel historische gebouwen uit de 18e en 19e eeuw, waarvan velen zijn geschilderd in felle kleuren en bedekt zijn met rode terracotta daken.
Het plein werd gebouwd toen Trinidad rijkdom vergaarde met suikerplantages in de buurt. Toch vind je nog steeds dezelfde kerken en herenhuizen die vroeger eigendom waren van suikerbaronnen. De meeste zijn vandaag de dag gerestaureerd en omgevormd tot musea.
Het Museo Romántico is in het Palacio Brunet gevestigd, een uitstekend voorbeeld van de architectuur en inrichting die rijke suikerplantagehouders in de bloeitijd van deze regio bouwden en vergaarden. De villa werd in de eerste jaren van de rijkste eeuw van Trinidad gebouwd, die eind 1700 begon. Terwijl slaven in de suikerrietvelden en fabrieken van de Valle de los Ingenios werkten, bouwden rijke plantage-eigenaren huizen in de stad Trinidad. Dit gebouw was vroeger de thuis van de families Borrell en Brunet. Je herkent het aan zijn lichtgele buitenkant aan Plaza Mayor, het historische hoofdplein van Trinidad.
Sierlijke kroonluchters, die ooit van kaarsen voorzien waren, hangen onder zeer hoge plafonds in elke kamer. Kasten met prachtige handgeschilderde afbeeldingen bevatten kwetsbaar porselein en curiosa. Elke kamer vormt een uniek meesterwerk door de kleurrijke muurbehandelingen onder de wandlijsten, rond de deuropeningen en ramen.
Ook toont het huis de ‘gewone’ kanten van het leven gedurende deze periode zoals de keuken, waar meerder kookstations van een reeks kleurrijke tegeltjes te vinden zijn. De fijne netten rond de hemelbedden werden gebruikt om de muggen tegen te gaan. En de uitgehouwen houten stoel boven een po diende als toilet. Verder zijn in elke slaapkamer een waterkan en wastafel te vinden, bedoeld om je dagelijks te kunnen wassen.
Op het Plaza Major staat de Kerk van de Heilige Drie-eenheid (Iglesia Parroquial de la Santísima Trinidad). De bouw van de huidige kerk werd voltooid in 1892 en werd gebouwd op de plaats van een eerdere 17e-eeuwse kerk die in de 19e eeuw werd verwoest door een cycloon die een groot aantal gebouwen in Trinidad beschadigde.
De kerk bevat een 18e-eeuws houten beeld van Christus, “De Heer van het Ware Kruis” (“El Señor de la Vera Cruz”), dat in Trinidad een voorwerp van bijzondere verering is. Oorspronkelijk bestemd voor een kerk in Veracruz in Mexico, werd het schip met het beeld driemaal door slecht weer teruggevaren naar Trinidad en kon het de reis pas maken nadat een deel van de lading, waaronder het Christusbeeld, was achtergelaten. Dit werd opgevat als een goddelijke tussenkomst door de lokale bevolking en sindsdien staat het beeld in de kerk.
Daarna was het hoog tijd voor een natje en een droogje en maakten we kennis met een typische Cubaanse cocktail: canchanchara. Een heerlijk, verfrissend drankje en heel eenvoudig te maken: het sap van een halve limoen, 30 ml honing, 30 ml lauw water, 50 ml gekoeld bruiswater, 50 ml donkere rum en een aantal ijsblokjes. Geserveerd in een origineel aardewerken potje maakt het de ervaring nog net iets origineler.
Onze verkenningstocht ging verder via het Museo de Arquitectura Colonial. Het 18e eeuwse herenhuis van de familie Sánchez Iznaga, waarin het Museum voor de Koloniale Architectuur is ondergebracht. Het gebouw bestond oorspronkelijk uit twee afzonderlijke huizen. Deze waren beiden eigendom van de suikermagnaat Saturnino Sánchez Iznaga en zijn in de 19e eeuw samengevoegd. Het museum, het enige in zijn soort op heel Cuba, behandelt de verschillende bouwkundige elementen die in Trinidad te zien zijn en illustreren de bouwtechnieken uit de koloniale periode. Er zijn diverse sloten, deurkrukken, deuren, scharnieren, ramen, traliewerk en andere gebruiksvoorwerpen te zien.

Het Museo Historico Municipal is gehuisvest in het Palacio Cantero. Het prachtige paleis dat in het begin van de negentiende eeuw werd gebouwd, is voorzien van een wit-roze façade. Aan de hand van de tentoongestelde voorwerpen krijg je een goed beeld van de geschiedenis van deze streek. Vanaf de toren is er een prachtig uitzicht over de stad.
Na een heerlijk avondmaal besloten we nog een terrasje te doen waar, uiteraard, een muziekband het beste van zichzelf stond te geven. Muziek en Cuba, je kan er echt niet omheen.































